Kerkgaande jongeren maken zich grote zorgen om klimaatverandering

Meer dan 80% van de kerkelijke jongeren maakt zich grote zorgen om klimaatverandering. Dat blijkt uit het Jongerenonderzoek dat in september en oktober is uitgevoerd door R2 Research in opdracht van MissieNederland, Tearfund Nederland, Micha Nederland, A Rocha, World Servants, EO BEAM, HGJB, Protestantste Kerk in Nederland en Groene Kerken. Het onderzoek is uitgevoerd onder Nederlandse christelijke jongeren van 15 tot en met 25 jaar waarvan 92% minstens één keer per maand naar de kerk gaat. Ook vinden de jongeren dat er binnen de kerk te weinig over klimaatverandering gesproken wordt.

 

Zorgen over klimaatverandering, milieuvervuiling en oorlog/conflict zijn het sterkst toegenomen. De minste zorgen hebben jongeren over het behoud van de Nederlandse cultuur. Cornelis de Schipper, Tearfund Nederland: “Tweederde van jongeren vindt het belangrijk dat christenen in actie komen, maar bijna de helft vindt dat de eigen kerk momenteel onvoldoende actie onderneemt. De komende periode gaan we dan ook graag in gesprek met kerken om te kijken welke rol kerkleiders hierin kunnen spelen.”

 

Het belangrijkste doel van het onderzoek was inzicht krijgen in de perceptie van christelijke jongeren op de toekomst, specifiek ten aanzien van de oorzaken van klimaatverandering en milieuvervuiling en de rol van de Nederlandse kerk. Harmen Niemeijer, Micha Nederland: “We zien dat jongeren opstaan tegen onrecht koppelen aan hun geloof en dat klimaatverandering op dit moment de grootste zorg is. De grote uitdaging ligt nu bij de kerk om deze thematiek een plek te geven en daarover juist ook met de jongeren in gesprek te gaan, en ze ruimte te bieden. Een grote uitdaging, maar o zo nodig.”

 

Om meer inzicht te krijgen in wat de jongeren missen in hun kerk om geïnspireerd te worden, wordt er in januari een verdiepend vervolgonderzoek gedaan. Hierbij voeren jongeren en kerkleiders in een focusgroep discussie. In februari verschijnen hiervan de resultaten.

 

 

Samenvatting van het onderzoek staat hier.

Geïntresseerd in het hele onderzoek? Neem dan contact op met Harmen Niemeijer – [email protected]